Wat is maagzuur en waarom heb je het nodig?

Heb je regelmatig last van brandend maagzuur, zure oprispingen, een opgeblazen gevoel of het gevoel dat voedsel blijft hangen in je maag? Dan lijkt het misschien logisch om te denken dat je lichaam te veel maagzuur aanmaakt. Toch is dat lang niet altijd het geval.

Maagzuur speelt een erg belangrijke rol in de spijsvertering. Het zorgt ervoor dat eiwitten en vetten worden afgebroken, activeert spijsverteringsenzymen en vormt de eerste verdedigingslinie tegen bacteriën, gisten en andere ongewenste micro-organismen die via voeding het lichaam binnenkomen. Daarnaast is een voldoende zure maaginhoud nodig voor een goede opname van verschillende voedingsstoffen, waaronder vitamine B12, ijzer, calcium, magnesium en zink.

Een goed functionerende maag waarin het maagzuur voldoende zuur is heeft daarmee niet alleen belangrijke eigenschappen voor de spijsvertering, maar ook voor de gezondheid van de darmbarrière, het darmmicrobioom en het immuunsysteem.

Hoe ontstaat brandend maagzuur en reflux?

De maag wordt aan beide zijden afgesloten door een sluitspier. Aan de bovenkant bevindt zich de onderste slokdarmsfincter, die voorkomt dat maaginhoud terugstroomt naar de slokdarm. Aan de onderkant regelt de pylorus de doorgang naar de dunne darm.

Wanneer maaginhoud terugvloeit naar de slokdarm spreken we van reflux. Omdat de slokdarm niet beschermd is tegen zuur, kan dit leiden tot irritatie van het slokdarmweefsel en klachten zoals:

  • Brandend gevoel achter het borstbeen
  • Zure oprispingen
  • Voedsel dat omhoogkomt
  • Moeite met slikken
  • Chronisch hoesten of keelschrapen
  • Heesheid
  • Een opgeblazen gevoel na de maaltijd

Bij langdurige of ernstige klachten kan sprake zijn van gastro-oesofageale refluxziekte (GERD).

Is brandend maagzuur altijd een teken van te veel maagzuur?

Het klinkt logisch, er komt een zure inhoud via de slokdarm omhoog dus er zal vast te veel zuur zijn, toch? In de praktijk is de situatie vaak ingewikkelder.

Wanneer de maag onvoldoende zuur produceert, wordt voedsel minder efficiënt verteerd en blijft het langer in de maag aanwezig. De voedselbrij moet namelijk zuur genoeg zijn voordat het de dunne darm in wordt gelaten door de maag. Hierdoor neemt de druk in de maag toe en dus ook de druk op het klepje dat tussen de slokdarm en de maag zit. Hierdoor kan de inhoud van de maag makkelijker terugstromen richting de slokdarm. De klachten worden dan veroorzaakt door reflux van maaginhoud, niet noodzakelijk door een overmaat aan zuur.

Een verminderde maagzuurproductie kan daarnaast leiden tot onvoldoende activering van spijsverteringsenzymen, die door de alvleesklier worden geproduceerd en worden ‘vrijgelaten’ in de dunne darm. Hierdoor ontstaat een minder goede spijsvertering en een grotere kans op bacteriële overgroei in de dunne darm (SIBO). Beide gooien olie op het vuur en kunnen de maagzuurproductie verder verminderen.

De rol van maagzuur in de spijsvertering

De productie van maagzuur is onderdeel van een nauwkeurig gereguleerd proces.

Al bij het zien, ruiken, aanraken of proeven van voedsel activeert het zenuwstelsel de maag om zoutzuur af te scheiden, waardoor het maagzuur zuurder wordt. Tegelijkertijd worden de alvleesklier en de galblaas voorbereid op de komende voedselbrij en wordt de spijsvertering opgestart.

Een voldoende zure maag stimuleert:

  • de afgifte van spijsverteringsenzymen; door de alvleesklier
  • de afgifte van gal voor de vetvertering; door de lever en galblaas
  • een goede doorstroming van voedsel richting de dunne darm; gereguleerd door de Nervus Vagus
  • de opname van voedingsstoffen zoals vitamine B12, ijzer en mineralen.

Voor de opname van vitamine B12 is bovendien de intrinsieke factor nodig, een eiwit dat door speciale maagcellen wordt geproduceerd. Bij beschadiging van deze cellen of langdurig verminderde maagfunctie kan uiteindelijk een vitamine B12-tekort ontstaan.

Oorzaken van een verminderde maagzuurproductie

De hoeveelheid maagzuur die wordt geproduceerd, wordt beïnvloed door meerdere factoren. Chronische stress, langdurig gebruik van maagzuurremmers, hogere leeftijd, een verminderde activiteit van de Nervus Vagus en infecties met Helicobacter pylori kunnen allemaal de normale maagfunctie verstoren. H. pylori kan de maagwand beschadigen en de regulatie van de zuurproductie ontregelen. Afhankelijk van de plaats en duur van de infectie kan dit leiden tot zowel een verhoogde als een verlaagde maagzuurproductie.

Ook de voedingstoestand speelt een belangrijke rol. Voor een normale aanmaak van maagzuur zijn onder andere voldoende zink en B-vitaminen nodig. Zink is betrokken bij de functie van de pariëtale cellen die zoutzuur produceren. Ironisch genoeg kan juist een verminderde spijsvertering ervoor zorgen dat zink minder goed wordt opgenomen, waardoor een functioneel tekort ontstaat dat de maagzuurproductie verder onder druk zet. Zo kan een zichzelf versterkende vicieuze cirkel ontstaan.

Wanneer de maaginhoud onvoldoende zuur is, worden bacteriën en gisten minder effectief uitgeschakeld en blijft voedsel langer in de maag aanwezig. Hierdoor verloopt de vertering trager en komen grotere hoeveelheden onverteerde voedingsstoffen in de darmen terecht. Tel hier een verminderde afgifte van spijsverteringsenzymen en gal bij op en je krijgt de ideale voedingsbodem voor micro-organismen zoals bacteriën en opportunistische gisten om te groeien.

In de praktijk zien we daarom regelmatig dat een verminderde maagzuurproductie samengaat met verstoringen zoals SIBO, dysbiose van de dikke darm en een overgroei van Candida. Deze aandoeningen kunnen elkaar onderling versterken en gezamenlijk bijdragen aan klachten zoals een opgeblazen gevoel, gasvorming, reflux, voedselintoleranties, hoofdpijn en chronische vermoeidheid.

De relatie tussen maagzuur, histamine, SIBO, Candida en een hyperpermeabele darm

Een gezonde maag met een voldoende zure inhoud vormt een belangrijke barrière tegen ongewenste micro-organismen.

Wanneer de zuurgraad onvoldoende is, kunnen meer bacteriën de dunne darm bereiken. Dit vergroot de kans op een bacteriële overgroei (SIBO), waarbij bacteriën koolhydraten fermenteren en grote hoeveelheden waterstof- of methaangas en in zeldzamere gevallen waterstofsulfide (naar rotte eieren stinkende scheten) produceren. Door de productie van deze gassen neemt de druk in het maag- darmstelsel verder toe wat verder bij kan dragen aan reflux klachten.

Histamine speelt een belangrijke rol bij de regulatie van de maagzuurproductie. In de maag stimuleren histamineproducerende enterochromaffine-achtige (ECL-)cellen de pariëtale cellen via de H2-receptor om zoutzuur af te scheiden. Histamine is dus een essentieel onderdeel van een normale spijsvertering. Maagzuurremmers blokkeren deze H2-receptoren waardoor maagzuur niet meer effectief wordt geproduceerd en de zuurtegraad dus minder wordt.

Wanneer er sprake is van SIBO of een dysbiose in de dikke darm zijn er organismen aanwezig die zelf histamine produceren uit het aminozuur histidine. Wanneer deze bacteriële histamine onvoldoende wordt afgebroken of wanneer iemand een verminderde histamine-tolerantie heeft, kan dit bijdragen aan klachten zoals hoofdpijn, huidreacties, hartkloppingen, jeuk en darmklachten. Bovendien kan een verhoogde histaminebelasting de regulatie van de maagfunctie en darmmotiliteit beïnvloeden. Bij SIBO of een Candida overgroei zien we ook vaak dat de darmwand beschadigd raakt, waardoor onder andere het enzym Diamine Oxidase (DAO) minder effectief werkt, dat verantwoordelijk is voor de afbraak van histamine in de darmen. Zodoende ontstaat een vicieuze cirkel waarin een verstoorde spijsvertering en bacteriële overgroei elkaar in stand houden.

Hoewel de exacte rol van bacterieel geproduceerde histamine nog volop wordt onderzocht, groeit het bewijs dat verstoringen in het darmmicrobioom, histaminemetabolisme en aandoeningen zoals SIBO bij een deel van de mensen met darm- en spijsverteringsklachten nauw met elkaar verweven kunnen zijn en elkaar in stand houden.

Daarnaast kunnen bacteriële toxines en ontstekingsprocessen bijdragen aan beschadiging van de darmbarrière en een verhoogde darmdoorlaatbaarheid, ook wel een hyperpermeabele darm genoemd. Hierdoor ontstaat wederom een vicieuze cirkel waarin een verminderde maagfunctie, SIBO, ontstekingen en reflux elkaar kunnen versterken.

Meer dan alleen maagzuur: kijk naar de onderliggende oorzaak

Brandend maagzuur na een zware maaltijd hoeft niet direct op een aandoening te wijzen. Wanneer de klachten echter regelmatig terugkeren of samengaan met een opgeblazen gevoel, winderigheid, wisselende ontlasting of voedselintoleranties, is het verstandig om verder te kijken dan alleen het bestrijden van het zuur.

De onderliggende oorzaak kan liggen in een verminderde spijsverteringscapaciteit, een verstoring van het darmmicrobioom, een Helicobacter pylori-infectie, SIBO, Candida, chronische stress of andere factoren die de normale maag- en darmfunctie beïnvloeden.

Herstel van de spijsvertering begint bij het aanpakken van de oorzaak

Een duurzame aanpak richt zich niet alleen op het verminderen van klachten, maar vooral op het herstellen van de normale spijsvertering. Een verminderde maagzuurproductie staat zoals besproken zelden op zichzelf. Verstoringen van de maag, darmflora, spijsvertering en darmbarrière versterken elkaar voortdurend. Pas wanneer deze vicieuze cirkel wordt doorbroken, ontstaat ruimte voor duurzaam herstel.

Dat betekent aandacht voor voeding- en leefstijlgewoonten, voldoende kauwen en rustig eten, stressmanagement, een gezonde maagzuurproductie stimuleren, een goede afgifte van gal en spijsverteringsenzymen en het behandelen van eventuele onderliggende verstoringen. Ook kan de inzet van gerichte supplementen in therapeutische doseringen een waardevolle aanvulling zijn om snel grip te krijgen op de klachten en het herstelproces te versnellen.

Wanneer alle processen weer optimaal functioneren, verbetert niet alleen de spijsvertering, maar ook de bescherming van de darmbarrière, de samenstelling van het darmmicrobioom en de opname van essentiële voedingsstoffen.