Bacteriële overgroei van de dunne darm (SIBO)
Wat is SIBO?
Heb je regelmatig last van een opgeblazen gevoel, overmatige gasvorming, buikpijn, darmkrampen of het gevoel dat voedsel lang in je maag blijft zitten? Dan zou SIBO een rol kunnen spelen.
SIBO staat voor Small Intestinal Bacterial Overgrowth, oftewel een bacteriële overgroei van de dunne darm. Bij deze aandoening bevinden zich te veel bacteriën op een plek waar ze eigenlijk maar in beperkte aantallen aanwezig horen te zijn.
Normaal gesproken leven de meeste darmbacteriën in de dikke darm. De dunne darm bevat veel minder bacteriën omdat hier de vertering en opname van voedingsstoffen plaatsvindt. Wanneer bacteriën zich toch in grote aantallen in de dunne darm gaan vestigen, kunnen er verschillende klachten ontstaan.
Waarom veroorzaakt SIBO klachten?
Om voedingsstoffen goed op te kunnen nemen moeten eiwitten, vetten en koolhydraten eerst volledig worden verteerd. Wanneer voedsel onvoldoende wordt afgebroken of te lang in de dunne darm aanwezig blijft, krijgen bacteriën de kans om deze voedingsstoffen te fermenteren.
Tijdens dit fermentatieproces ontstaan grote hoeveelheden gassen zoals waterstof en methaan. Deze worden ieder geassocieerd met een ander klachtenpatroon. verhoogde waterstofproductie word in verband gebracht met diarree en methaan wordt meer gelinkt met stagnatie en constipatie. Beide typen leiden tot een opgeblazen gevoel, buikpijn, darmkrampen en overmatige winderigheid.
Veel mensen merken daarnaast dat zij snel vol zitten tijdens maaltijden, hebben vettige en drijvende ontlasting of last krijgen van reflux, oprispingen of maagzuurklachten. Ook vermoeidheid, hoofdpijn en concentratieproblemen komen regelmatig voor.
Hoe ontstaat een bacteriële overgroei van de dunne darm?
Een gezonde dunne darm beschikt over verschillende beschermingsmechanismen die voorkomen dat bacteriën zich daar in grote aantallen kunnen vestigen.
Voldoende maagzuur helpt om ongewenste bacteriën af te remmen voordat ze de dunne darm bereiken. Ook de afgifte van gal en spijsverteringsenzymen speelt een belangrijke rol bij een gezonde vertering. Om te begrijpen waarom SIBO ontstaat, moeten we eerst kijken naar de normale spijsvertering.
Maagzuur vormt de eerste verdedigingslinie tegen ongewenste bacteriën. Vervolgens zorgen gal uit de lever en galblaas en spijsverteringsenzymen uit de alvleesklier ervoor dat voedsel efficiënt wordt afgebroken.
Gal heeft daarbij nog meer belangrijke functies. Naast het emulgeren van vetten werkt gal namelijk ook antimicrobieel. Het helpt ongewenste bacteriën in de dunne darm onder controle te houden doordat galzuren antimicrobiële eigenschappen hebben. Ook heeft gal een laxerend effect, waardoor er doorstroming in de darmen blijft plaatsvinden en de voeding niet onnodig lang in de darmen blijft ‘hangen’. Bepaalde typen bacteriën kunnen de structuur van gal zodanig aanpassen dat het niet opnieuw opgenomen kan worden in het lichaam, wat zeker nadelige gevolgen heeft voor je lichaam. Vaak zien we dan dat de vetvertering niet meer goed verloopt en er diarree ontstaat.
Wanneer de afgifte van maagzuur, gal of spijsverteringsenzymen verminderd is, wordt voedsel minder goed verteerd. Hierdoor blijven meer voedingsstoffen beschikbaar voor bacteriën, waardoor een ideale voedingsbodem ontstaat voor bacteriële overgroei. Een verhoogde mate van stress of de aanwezigheid van Helicobacter pylori kan de productie van maagzuur verminderen, waardoor de maag minder zuur wordt.. Ook hebben stress en een verstoorde bloedsuikerregulatie een negatieve invloed op de afgifte van spijsverteringsenzymen door de alvleesklier.
Daarnaast beschikt de dunne darm over het zogenaamde Migrating Motor Complex (MMC). Dit is een soort schoonmaakgolf die tussen maaltijden door voedselresten en overtollige bacteriën richting de dikke darm verplaatst. Dit proces wordt onder invloed van de neurotransmitter Serotonine en het zenuwstelsel aangestuurd. Heb je in het verleden wel eens een flinke voedselvergiftiging gehad? Dan is de kans aanwezig dat dit systeem ontregeld is, hierdoor loop je een hoger risico op het ontwikkelen van SIBO.
Wanneer één of meerdere van deze beschermingsmechanismen minder goed functioneren, er functionele tekorten zijn aan voedingsstoffen of er andere factoren spelen waardoor stagnatie van de spijsvertering optreed kunnen bacteriën zich gaan ophopen en ontstaat een voedingsbodem voor SIBO.
SIBO, ontstekingen en een beschadigde darmwand
De gevolgen van SIBO beperken zich niet alleen tot gasvorming en spijsverteringsklachten. Bepaalde bacteriën produceren stoffen die het darmslijmvlies kunnen irriteren en de darmbarrière onder druk zetten waardoor deze verhoogd doorlaatbaar wordt, lees daar meer over in mijn blog over een hyperpermeabele darm. Daarnaast kunnen gramnegatieve bacteriën lipopolysacchariden (LPS) produceren. Dit zijn bacteriële endotoxinen die een sterke reactie van het immuunsysteem kunnen uitlokken.
Wanneer de vrijgekomen toxines, zoals LPS maar ook andere lichaamsvreemde stoffen, langdurig in je lichaam aanwezig blijven, kunnen er chronische laaggradige ontstekingen ontstaan. Het immuunsysteem staat dan voortdurend “aan”, dit kost je lichaam veel energie en kan bijdragen aan klachten zoals vermoeidheid, hersenmist en een verminderde weerstand.
De invloed van SIBO op het darmmicrobioom
Een langdurige bacteriële overgroei heeft vaak gevolgen voor de samenstelling van het darmmicrobioom.
Opportunistische en potentieel ziekmakende bacteriën krijgen meer ruimte om te groeien, zij gedijen namelijk in een omgeving waar ontstekingen en onverteerd voedsel voorkomen. Gunstige bacteriën komen juist onder druk te staan. Dit kan gevolgen hebben voor het darmslijmvlies, de darmbarrière en de regulatie van het immuunsysteem. Een verstoord darmmicrobioom bevordert de overgroei van ongewenste bacteriën, terwijl diezelfde bacteriën het darmmicrobioom verder uit balans brengt. Op deze manier ontstaat er een vicieuze cirkel van ontstekingen, verhoogde immuunactivatie en lichamelijke stress die zichzelf blijft herhalen en in stand houdt.
Waarom veroorzaakt SIBO voedselintoleranties en tekorten?
Wanneer bacteriën voedingsstoffen gebruiken voor hun eigen stofwisseling voordat jij deze op kunt nemen, kunnen tekorten ontstaan aan vitaminen, mineralen en andere belangrijke voedingsstoffen. Daarnaast kan langdurige irritatie van de darmwand ervoor zorgen dat bepaalde voedingsmiddelen minder goed verdragen of verteerd worden.
De opnamecapaciteit van speciale darmcellen neemt namelijk af en de zogenaamde ‘brush border’ enzymen verliezen deels hun functie. Het brush border enzym lactase zet lactose normaal gesproken om in glucose en galactose. Wanneer dit proces verstoord raakt kunnen klachten en intoleranties ontstaan voor bijvoorbeeld lactose, fructose, gluten, melkeiwitten, soja en bepaalde (type) vezels.
SIBO heeft ook een impact op de vetvertering, waardoor vettige en drijvende ontlasting ontstaat en een vol gevoel kan optreden. De voedselbrij blijft onvoldoende in beweging waardoor vet te lang blijft ‘hangen’. Hierdoor kan er druk ontstaan op de klep die de slokdarm naar de maag (de onderste slokdarmsfincter) afsluit, waardoor reflux klachten en brandend maagzuur optreden. Ook zullen de in vet oplosbare vitaminen A,D,E en K minder goed in het lichaam worden opgenomen door een verlaagde heropname van gal aan het eind van de dunne darm.
Het gevolg is dat de lijst met voedingsmiddelen die klachten geven steeds langer wordt, terwijl de onderliggende oorzaak sluimerend voor steeds meer klachten en symptomen zorgt. Ook hier ontstaat weer die herkenbare vicieuze cirkel die zichzelf in stand houdt.
De overlap tussen SIBO en het Prikkelbare Darm Syndroom
Bij veel mensen die de diagnose PDS hebben gekregen wordt tegenwoordig SIBO geconstateerd. De overlap in de symptomen is namelijk groot:
- Opgeblazen gevoel
- Pijnlijke buik
- Winderigheid
- Wisselend ontlastingspatroon
- Moeite met bepaalde vezelrijke voeding
- Voedselintoleranties
Dit betekend niet automatisch dat elke persoon die te maken heeft met het Prikkelbare Darm Syndroom per sé SIBO heeft, maar het kan een belangrijke oorzaak zijn die de moeite waard is om te onderzoeken en indien nodig te behandelen.
Herstel van SIBO: meer dan alleen bacteriën doden
Het behandelen van SIBO klinkt heel eenvoudig, de bacteriën doden en klaar is kees. Het klopt dat een antibiotica of antimicrobiële kruidenkuur de bacteriën dood en de klachten verminderd of zelfs helemaal laat verdwijnen. Bij SIBO is het aantal cliënten dat een terugval krijgt bijzonder hoog, meer dan 25% van de mensen die een antimicrobiële kruiden of antibioticakuur heeft gedaan heeft binnen 6 maanden weer dezelfde of vergelijkbare klachten.
De aanwezigheid van bacteriën in de dunne darm is meestal niet het oorspronkelijke probleem, maar eerder het gevolg van een verstoring die al langer aanwezig is. Ze hebben de kans gekregen om daar te leven en zich te voeden. Waarom ze daar zitten kan, zoals besproken in deze blog, een tal van verschillende oorzaken hebben. Om terugval van de klachten te voorkomen is het belangrijk om de oorzaak op te sporen. Het darmmicrobioom en slijmvliezen te blijven ondersteunen met goede voedings- en leefstijlgewoonten, stressvermindering en de spijsvertering op orde te krijgen en houden.